Uw plat dak van EPDM dakbedekking voorzien

Wat heb ik allemaal nodig?

– EU EPDM dakbedekking
– Hechtlijm (lijm voor dakvlak)
– Contactlijm (lijm voor rand en opstaande kant)
– Afvoer: zij uitloop of onder uitloop
– Binnen of buitenhoek
– Kit
– Monotrim om de dakrand fraai en waterdicht af te werken
– Vachtroller
– Harde bezem

Mocht je over iets twijfelen hoe je moet aanpakken.
Stel je vraag of stuur enkele foto’s door en wij helpen je graag verder!

Dakopbouw

Middels afschot in de onderconstructie of in het isolatiemateriaal moet een goede afwatering gewaarborgd zijn. Het advies in het kader van het uiteindelijke effectieve afschot is een afschot te ontwerpen op 1,6% per m1 zodat er na vervorming (doorbuiging) en andere invloeden een effectief afschot van 1% oftewel 10 mm/m over blijft.

De ondergrond moet in alle gevallen vlak, droog en schoon zijn. Losse of beschadigde delen van de ondergrond moeten worden verwijderd. Op een ruwe ondergrond moet eerst een beschermlaag aangebracht worden van 150 g/m² polyestervlies. Randen en opstanden moeten vormvast en vlak zijn.

De EU EPDM gaan we volledig verlijmen met de ondergrond en dit kan worden toegepast op houten delen of platen, beton, gasbeton, gecacheerde isolatiematerialen of op (bestaande) bitumineuze ondergronden. EU EPDM mag nooit direct in contact komen met bitumen met een lage verwekingstemperatuur of met teerhoudende dakbedekking. Dit type dakbedekkingen moet eerst verwijderd worden voor het aanbrengen van EU EPDM.

Voorbereiding

Controleer de ondergrond voor het aanbrengen van de EPDM op scherpe voorwerpen of scherpe oneffenheden.

EU EPDM dakbanen of membranen dienen ca. 30 minuten uitgerold op het dak te liggen om ze vervolgens  spanningsvrij te verwerken.
EPDM is een elastisch materiaal en dient derhalve zonder spanning te worden aangebracht.

Voorkom oliehoudende producten in combinatie met EU EPDM . Gebruik voor het reinigen uitsluitend water of de Multi Reiniger.

Rol de banen uit / vouw de membranen uit en wacht 30 minuten totdat het materiaal spanningsvrij is. De folie wordt zonder onderbreking uit het dakvlak tegen en over de dakranden aangebracht.

Verlijming aanbrengen op vlakke, schone en droge ondergronden. Verlijming dient plaats te vinden bij een buitentemperatuur ≥10° C.

Het foliegedeelte dat tegen de dakrand is aangebracht terugklappen tot 200 mm in het dakvlak rondom. Rol het membraan, eventueel met behulp van een koker, terug tot ongeveer de helft van de lengte (oprollen bij voorkeur parallel aan de naadrichting).

EPDM Hechtlijm

De Hechtlijm op de ondergrond in rilvorm en om de 80 mm streepsgewijs aanbrengen, de rillen mogen dik zijn. Direct na het aanbrengen de EPDM Hechtlijm gelijkmatig op het oppervlak verdelen met een fijne vachtroller. Afhankelijk van de wind, temperatuur en de luchtvochtigheid de EPDM Hechtlijm laten uitdampen. Dit kan 5 tot 20 minuten duren. Het membraan vervolgens gelijkmatig en zonder spanningen terugrollen. Druk vervolgens met een harde bezem het membraan gelijkmatig aan waardoor de folie goed in contact met de lijm wordt gebracht. Uiteindelijk dient minimaal 90% verkleefd aangebracht te zijn.

Verbinding EPDM flap

Indien er EPDM dakbanen of membranen aan elkaar gekoppeld dienen te worden, dient dit te gebeuren dmv de lijm-kit verbinding. Maar hierbij een overlap tussen beide membranen van 100 tot 150 mm en klap deze terug. Zorg er voor dat de overlappende delen schoon, droog en vetvrij zijn. Breng op beide zijden over een breedte van 80 mm Contactlijm aan, dusdanig dat de buitenste 20 mm vrij blijven van lijm. Breng na voldoende droging beide delen tegen elkaar aan en druk d.m.v. een siliconenroller beide delen samen. Breng vervolgens Multi Seal kit aan tussen de vrij liggende buitenste 20 mm en druk dit deel vervolgens aan d.m.v. een siliconenroller, dusdanig dat de dikte van de kit 1 mm bedraagt. De uitstulpende kit met een spatel verwijderen.

Dakrand

Dakranden moeten bij voorkeur minimaal 120 mm hoog zijn, gemeten vanaf de bovenste afwerking van het dak. Hiermee wordt inwatering via de dakrand voorkomen, is voldoende hoogte aanwezig om de rand netjes af te werken en wordt het afwaaien van eventueel aanwezig grind vermeden.

Bij dakranden wordt de folie zonder onderbreking uit het dakvlak tegen en over de dakranden aangebracht en volledig verlijmd met contactlijm. Vanwege de verkleving wordt het uitzakken van de membranen voorkomen en het risico op stormschade en condensatie tegen de randen beperkt.

Kimfixatie en verlijming van de dakrandopstand met contactlijm

Dubbelzijdige verkleving in het dakvlak en tegen de dakrandopstand.
Het aanbrengen van kim- en randfixatie is noodzakelijk en biedt o.a. weerstand tegen afpellen bij windbelasting!!!

Klap het membraan terug tot 200 mm in het dakvlak. De contactlijm met een fijne vachtroller aanbrengen op de ondergrond, minimaal 200 mm in het dakvlak, en op de onderzijde van het membraan. Breng na droging beide delen tegen elkaar aan en rol met een siliconenroller het membraan goed aan in de kim. Breng de lijm aan op het verticale en horizontale deel van de opstand en op de onderzijde van het membraan. Na droging beide delen tegen elkaar drukken en aanrollen met een siliconenroller. Voorkom tijdens het aandrukken spanningen en plooivorming!

Hoeken

Binnenhoek

Het “teveel” aan materiaal wordt in een punt naar binnen gevouwen. Deze vouw wordt met contactlijm vastgelijmd en afgesealed met Multi Seal kit.

Buitenhoek

Bij een 90° buitenhoek wordt de folie aan beide zijden onder een hoek van 45° ingeknipt.
Nadat de folie tegen de opstand is verlijmd, wordt een prefab gevulkaniseerde buitenhoek aangebracht met contactlijm en afgeseald met EPDM Seal kit.

Dakrand met monotrim


De folie wordt zonder onderbreking uit het dakvlak tegen en over de dakranden aangebracht.
In dit detail is het van groot belang dat de bovenzijde van de dakrand voldoende afwatert naar het dakvlak. Hiertoe kan een afgeschuinde muurplank op de dakrand worden gemonteerd. De EU EPDM dakbanen of membranen vanuit het dakvlak zonder onderbreking tegen en over de dakranden aanbrengen.

Kimfixatie en verlijming van de dakrandopstand aanbrengen zoals hierboven beschreven met de contactlijm.

De monotrimmen en de bijbehorende gelaste hoeken monteren. Deze instructies kunt u lezen bij de ik doe mijn dak zelf klusinstructies over de monotrim.

Zijuitloop

Ter plaatse van alle hemelwaterafvoeren moet, conform de voorschriften van NEN 6050 omtrent brandveilig detailleren, te allen tijde onbrandbare isolatie worden toegepast minimaal Euroklasse A2. Indien mastiekhoeken worden toegepast moeten deze ook uit onbrandbaar materiaal vervaardigd zijn.

De zijuitloop moet ten minste 10 mm verdiept worden aangebracht. Hiertoe op een oppervlak van ongeveer 1 m² een dunnere plaat onbrandbare isolatie aanbrengen minimaal Euroklasse A2. De randen rondom de verdieping afschuinen. De EU EPDM dakbanen of membranen vanuit het dakvlak zonder onderbreking tegen het opgaande gevelwerk aanbrengen.

Kimfixatie en verlijming van de dakrandopstand conform de uitleg hierboven.

De opstaande rand van de dakbaan of membraan ter plaatse van de uitloop insnijden zodat een tong vanuit de kim door de rand naar buiten kan worden gelegd. De zijuitloop aanbrengen en de plakplaat met Multi Seal kit vastzetten. De EU EPDM slabbe van de zij uitloop rondom op het EPDM membraan met de lijm-kit verbinding waterdicht aanhechten.

Onderuitloop

De onderuitloop moet ten minste 10 mm verdiept worden aangebracht. Hiertoe op een oppervlak van ongeveer 1 m² een dunnere plaat onbrandbare isolatie aanbrengen minimaal Euroklasse A2. De randen rondom de verdieping afschuinen.

De EU EPDM dakbaan of membraan plaatsen en ter plaatse van de onderuitloop insnijden. De insnijding niet groter maken dan de diameter van de buis van de onderuitloop. De onderuitloop aanbrengen en met Multi Seal kit vastzetten. De EU EPDM slabbe van de onderuitloop rondom op het EPDM membraan met de lijm-kit verbinding waterdicht aanhechten.

Lichtkoepels en rechthoekige opstanden

De dakbedekking vanuit het vlak tot aan de binnenzijde van de sparing aansluiten. De opstand plaatsen en met voldoende bevestigingsmiddelen fixeren. De opstanden worden waterdicht ingewerkt d.m.v. EPDM opstandstroken en op de hoeken afgewerkt met ongewapende gevulkaniseerde prefab hoekstukken. De opstandstrook zo hoog mogelijk onder de druiprand en tot ten minste 100 mm op het vlak aanbrengen.

De opstand en de EU EPDM opstandstroken voorzien van contactlijm en beide delen na droging tegen elkaar aanbrengen en aanrollen met een siliconenroller. De aansluiting in het dakvlak 20 mm vrij houden van contactlijm en d.m.v. Multi Seal kit afsealen. Na het inwerken van alle zijden van de opstand de hoeken afwerken d.m.v. ongewapende gevulkaniseerde prefab hoeken welke d.m.v. de lijm-kit verbinding worden aangehecht.

Dubbelwandige aluminium ontluchting

In de dakbedekking een insnijding maken ter grootte van de diameter van de buis. De doorvoer plaatsen, mechanisch bevestigen en schoon en vetvrij maken. Een manchet knippen van EU EPDM met een gat diameter van ongeveer 1/3e van de diameter van de doorvoer. Het manchet egaal over de ontluchting trekken zodat deze rondom de ontluchting minimaal 20 mm opstaat en ten minste 100 mm voorbij de rand van de plakplaat op het dakvlak wordt aangebracht. Als extra zekerheid kan tussen de aluminium doorvoer en de EU EPDM manchet een ril Multi Seal kit worden aangebracht.

De manchet volledig op de plakplaat verlijmen en door middel van de lijm-kit verbinding op de dakbedekking aansluiten. De kap monteren.